Het doel van dit project is met moderne middelen de Limburgse taal toegankelijk maken voor zowel een groot publiek als voor taalwetenschappers. Een belangrijk onderdeel hiervan is het maken van woordenboeken van de Limburgse taal naar andere talen en van andere talen naar het Limburgs. De woordenboeken zijn vooral bedoeld als naslagwerk voor Limburgers en niet-Limburgssprekende Nederlanders en anderen.
Een dergelijk project is in deze vorm nog niet eerder uitgevoerd. Hoewel er zeer veel woordenboeken van verschillende afzonderlijke Limburgse plaatsen zijn gemaakt en in voorbereiding zijn, zijn er maar twee projecten die betrekking hebben op het gehele Limburgse taalgebied.
Het Woordenboek van de Limburgse Dialecten (WLD) is samengesteld door taalkundigen uit Nijmegen en Leuven. Het biedt een thematisch overzicht van de gebruikssfeer van Limburgse woorden en dan vooral woorden die vanaf de jaren 1960 tot nu zijn verzameld. In deze rijke bron van informatie over Limburgse woorden is de taalkennis van de oudere generatie Limburgssprekenden vastgelegd. We raadplegen deze bron dan ook voor ons project, maar het WLD was niet bedoeld om het hedendaagse taalgebruik vast te leggen. Een ander nadeel is dat de thematische opzet van het WLD het zoeken naar woorden bemoeilijkt, ondanks het feit dat het mogelijk is om de elektronische databank op het Internet te doorzoeken via een zoekmachine. Ten slotte zijn de lemma’s of woordenboekartikelen in een “vernederlandste” variant geschreven, waardoor de Limburgse woorden niet in een Limburgstalige vorm zijn te vinden.
De Taal van de Maas van Paul Pricken is een andere methode om woorden uit diverse Limburgse dialecten te verzamelen. In dit Nederlands-Limburgs woordenboek staan meer dan 30.000 woorden en veel uitdrukkingen en gezegdes. Hij beperkt zich echter tot de Limburgse dialecten die in Nederlands-Limburg worden gesproken. Ook is de herkomst van de woorden niet duidelijk en is niet bekend of ze in heel Limburg of slechts in een deel van Limburg worden begrepen. Ten slotte wijkt de spelling vrij sterk af van de traditie die verder is ontwikkeld en door de Raad voor het Limburgs in 2003 is goedgekeurd.
Het uitgangspunt van dit project is dat er een gemeenschappelijke, geschreven uitdrukkingsvorm wordt gevonden voor alle dialecten die in West- en Oost-Limburg taalkundig tot de dialecten van de Limburgse taal worden gerekend. Zonder een dergelijke uitdrukkingsvorm zijn deze woordenboeken niet mogelijk. Hierbij wordt duidelijk aansluiting gezocht bij de Limburgse spelling die officieel door de Raad van het Limburgs in 2003 is goedgekeurd. Voorop staat dat alle woorden die in deze dialecten in gebruik zijn, in gedrukte en Internetbronnen, als onderdeel van dit gemeenschappelijk Limburgs worden gezien, waarbij de nadruk ligt op het hedendaagse taalgebruik. Woorden die in het grootste deel van Limburg worden begrepen, nemen we als zodanig op, terwijl we woorden die slechts in een deel van Limburg worden begrepen, opnemen met de indicatie dat ze alleen in het betreffende deel worden begrepen.
Bij dit project staat de wens voorop om een bijdrage te leveren aan het behoud van het Limburgs. Door het project via een open source op het Internet te zetten, hopen we dat Limburgers zich actief met hun eigen taal gaan bezighouden. Dankzij referentiewerken die het hele taalgebied omvatten, hebben geïnteresseerde Limburgers en anderen bovendien de mogelijkheid om informatie te zoeken over Limburgse woorden. Er zijn al literaire werken uit andere talen naar het Limburgs vertaald, maar ook om Limburgstalig werk naar andere talen te vertalen worden deze referentiewerken als hulpmiddel aangeboden. Hoewel het niet de bedoeling is, kan het project ook nuttig zijn voor verdere codificatie van het Limburgs en mogelijk op termijn leiden tot een standaardisatie.
Om dezelfde redenen als de Raod veur ’t Limburgs voor zijn spellingswijzer de keuze op het Maastrichts dialect van het Limburgs heeft laten vallen, hebben wij ook voor ons project voor het Maastrichts gekozen. De voornaamste reden is dat de meeste Limburgstalige teksten in het Maastrichts zijn geschreven of bestaan, wat veel werk bespaart bij de uitvoering van het project. Dit sluit niet uit dat het gebruikte spellingsysteem kan worden aangepast wanneer er in de toekomst tot een verdere codificatie of standaardisatie van het Limburgs zou worden besloten.